Charles Rousseau, Hulde aan de bewerkers van Brugge’s herleving

Op 23 augustus 1895 is het hét thema in de plaatselijke kranten. De zegeklok beiert, mensen lopen de straat op. Burgemeester Amedée Visart de Bocarmé en August de Maere worden in stoet aan het station afgehaald. Eindelijk is het zover: het parlement heeft het wetsontwerp rond Brugge-Zeehaven goedgekeurd. Brugge zal weer een verbinding krijgen met de zee.

Een idee uit Gent

De weg naar de realisatie van Brugge-Zeehaven was lang en moeizaam. De eerste aanzet komt vanuit Gent met een lezing door de schepen van openbare werken August de Maere in 1866. Zijn plan is de aanleg van een zeekanaal van Gent naar de Noordzee, ter hoogte van Heist. Maar in tegenstelling tot de intenties van De Maere zijn het vooral de Bruggelingen die interesse tonen in zijn plannen. De Brugse interesse neemt nog toe dankzij het ontstaan van verschillende verenigingen voor handel en nijverheid. In 1877 verschijnt een nieuwe brochure van De Maere: ‘D’une communication directe de Bruges à la mer’. In plaats van een maritiem kanaal van Gent naar de zee met aftakking naar Brugge lanceert hij een plan voor de directe verbinding tussen Brugge en de zee.

De Maere zal een belangrijke voortrekker zijn voor het traject. Hij ziet in dat politieke gedragenheid essentieel is, lokaal maar ook nationaal. Een eerste plan van De Maere wordt in 1882 door een nationale commissie afgekeurd. De Brugse burgemeester Visart de Bocarmé zet echter door én met succes. Gesteund door minister August Beernaert en koning Leopold II wordt het ontwerp voor de nieuwe infrastructuur in 1892 toegewezen aan een Franse groep van de ingenieurs L. Coiseau en J. Cousin.

Dan volgt de zware realiteit van de realisatie, samen met de zware financiële lasten. Om in het beheer en onderhoud van de haven en het kanaal te kunnen voorzien, richt men in november 1895 de Maatschappij der Brugse Zeevaartinstellingen op. Naast de haven en omringende infrastructuur ter plaatse wordt ook Zeebrugge als gemeente ontwikkeld.

Hulde!

Brugge-Zeehaven is er gekomen dankzij de inzet en steun van enkele protagonisten en belangrijke figuren. Zij worden door de Brugse schilder Charles Rousseau geëerd in zijn schilderij ‘Hulde aan de bewerkers van Brugge’s herleving’ (1910). In de centrale medaillons zijn koning Leopold II, burgemeester Visart de Bocarmé en grondlegger De Maere afgebeeld.

bovendeel

Hoewel het niet zijn plannen zijn die uiteindelijk worden uitgevoerd, toch wordt De Maere gezien als de vader van de haven van Zeebrugge. De zijpanelen tonen een reeks portretten van notabelen die ook een rol hebben gespeeld in de realisatie van het project. Zo prijkt onderaan het middelpaneel ook het beeld van Julius Sabbe.

Sabbe, leraar Nederlands aan het Brugse atheneum en drijvende kracht in het Willemsfonds, is samen met De Maere de stuwende kracht achter het zeehavenproject in Brugge. Zijn drijfveren zijn duidelijk: Sabbe mikt op een renaissance van Brugge, een terugbrengen van de glorie uit het verleden. Hij kent hiervoor enkele oplossingen en somt ze op in een artikel in ‘La Belgique Maritime’ van juni 1883: ‘L’exploitation des richesses archéologiques et artistiques sans pareille que possède la vieille cité, y attirer les étrangers et la jonction à la mer.

Met dezelfde overtuiging heeft Rousseau zijn veelluik geschilderd. Want het werk is meer dan een eerbetoon aan enkele personen. Op het middenpaneel zien we een gekroonde vrouw met het schild van Brugge op haar borst. Ze zit op een troon en wordt geflankeerd door met palmen zwaaiende vrouwen. Achter haar is de nieuwe haven zichtbaar. De gekroonde vrouw stelt Brugge voor: Brugge als koningin, geprezen en erkend. De haven is prominent aanwezig en is de oorsprong van Brugges welvaart. De vorm van het schilderij is niet willekeurig gekozen: hij verwijst naar de Oudnederlandse kunst met haar oorsprong in Brugge. Deze vorm brengt heden en verleden met elkaar in relatie: Brugge als koningin, met de zee als bron van rijkdom, net zoals in het verleden.

Feest!

Het eerste schip loopt de haven van Zeebrugge binnen op 29 mei 1905. Dit brengt massaal veel volk op de been: fiere Bruggelingen die de geslaagde uitbouw van de haven komen bewonderen. In juli 1907 wordt de officiële opening gevierd met een indrukwekkende feestweek met internationale allure.

BRU001002351

De plechtige inhuldiging van Brugge-Zeehaven vond plaats op 23 juli 1907. Graaf Visart de Bocarmé verwelkomt Koning Leopold II. Centraal op de foto merken we prins Albert I met aan zijn zijde prinses Elisabeth. (c)Stadsarchief Brugge G/B41/6, foto Arthur Brusselle.

Het hoogtepunt is de plechtige inhuldiging van de nieuwe haven in aanwezigheid van koning Leopold II, prinses Elisabeth en prins Albert. De koning bevestigt de teneur van de welkomsttoespraak van de burgemeester: ‘De stad Brugge, getrouw aan hare overlevering, zich haar verleden herinnerende, wil voor zich zelf een nieuw tijdvak van welvaart en luister.’ Naast het officiële deel ligt het zwaartepunt op evenementen die het luisterrijke verleden van Brugge in beeld brengen. Tijdens de zomermaanden is er de tentoonstelling van het Gulden Vlies, in de feestweek gaat een historische stoet uit en zijn er middeleeuwse steekspelen. Ook het maritiem gedeelte met een indrukwekkende vlootparade, spreekt tot de verbeelding.

FOA17136 (Small)

Back to the future

‘De haven ligt open, om de stad, die door de sierlijkheid harer openbare en bijzondere gebouwen een der schoonste onder schoonste der wereld is, haren vroegerigen voorspoed terug te geven’ (Brugsch Handelsblad, 30 mei 1907).

Al deze evenementen tonen aan dat men een sterke band ziet tussen het grootse, Brugse verleden en de (drijfveren voor een) nieuwe haven in Brugge. Dit is het meest prestigieuze project sinds eeuwen en het moet van Brugge opnieuw een belangrijke en welvarende stad maken. In het verleden ligt voor de Bruggelingen de oplossing voor de eigentijdse slechte situatie van handel en economie. In de ‘Brugsche Beiaard’ van 23 juni 1907 formuleert men het zo: ‘Voor vijf eeuwen was Brugge het Venetië van het Noorden… Toen verzandde haar havenmond, het Zwin, en van handelsmetropool van West-Europa, kwijnde Brugge weg tot immer interessante kunststad.’ Het antwoord is duidelijk: ‘De haven ligt open, om de stad, die door de sierlijkheid harer openbare en bijzondere gebouwen een der schoonste onder schoonste der wereld is, haren vroegerigen voorspoed terug te geven’ (Brugsch Handelsblad, 30 mei 1907).

De toekomstprofeten in Brugge krijgen aanvankelijk ongelijk. De hoge verwachtingen rond het havencomplex worden niet meteen ingelost. De economie groeit niet zo snel als verwacht. Zeebrugge wordt evenmin de belangrijke haven voor trans-Atlantische passagierslijnen. De strijd tegen de natuur, de aanslibbing en verslijking blijven verdergaan. En tijdens de beide wereldoorlogen worden grote vernielingen toegebracht aan de haveninfrastructuur. Pas na Wereldoorlog II en na enkele vernieuwingen in de jaren 1960 kan men ten volle het economische belang van de haven uitspelen en begint Zeebrugge aan een spectaculaire groei.

 

 

Wil je Rousseau’s schilderij gaan bekijken? Begeef je dan naar het museumgedeelte van het Brugse Stadhuis!

Bekijk ook even de geïllustreerde geschiedenis die het Havenbestuur (Port of Zeebrugge) op haar site vermeldt.

 

Meer objecten en verhalen

Geen gedachten over Charles Rousseau, Hulde aan de bewerkers van Brugge’s herleving

  1. […] dan weer zorgen voor een economische heropleving van de stad. Toerisme en de ontwikkeling van een nieuwe haven moeten Brugge terug op de kaart […]

  2. […] naar voren geschoven. Twee pijlers krijgen in het bijzonder aandacht: de ontwikkeling van de haven en het toerisme in de stad. Niet voor niks de twee pijlers die ook in de 19de eeuw als dé […]

  3. […] is men niet gediend van het beeld van een dode stad, precies op het ogenblik dat Brugge met de nieuwe haven weer wil aanknopen met de welvaart van weleer. Wanneer er in 1899 sprake is van de oprichting van […]

  4. […] wordt in 1875 schepen van Openbare Werken. Hij ontpopt zich tot voorvechter van de haven van Zeebrugge maar vooral heeft hij een duidelijke visie op de herwaardering van de oude stad. Een visie die […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *