Waterpret – De moerbuizen

Als we  vandaag de waterkraan opendraaien, stellen we ons niet de vraag waar dit water vandaan komt. Het is er gewoon. Maar waar haalt de Bruggeling in de middeleeuwen zijn water vandaan?

Waterleiding

Van niet al te ver: Brugge heeft in de middeleeuwen namelijk al een ingenieus waterleidingsnetwerk: de moerbuizen. Een kraantje opendraaien is er nog niet bij, maar op quasi elke straathoek is er wel een waterput (‘fontein’ genaamd) waar men fris water kan nemen. Wanneer de eerste moerbuizen zijn gelegd, is nog niet achterhaald. Dat de moerbuizen al voor 1280 hun werk doen, blijkt uit de oudste bekende kladrekening van 1280/81, die spreekt over werken aan de fontein aan de Sint-Janskerk. Uit latere vermeldingen blijkt dat deze fontein door de moerbuis gevoed werd. De loden pijpen houden op sommige plaatsen stand tot het eerste kwart van de 20ste eeuw.  De middeleeuwer heeft zijn belastinggeld dus wijselijk besteed!

moerbuizen_traject-small

Het traject van de moerbuizen uitgezet op de kaart van Marcus Gerards, 1562

Heel Brugge wordt bevoorraad door zes moerbuizen die elk een deel van de stad voor hun rekening nemen. Elke moerbuis heeft haar beginpunt of ‘hoofd’ aan de stadsrand waar ze water neemt uit een vergaarbekken, of later vanuit de omwallingsgracht. Zo is er de stadsvijver van Sint-Baafs van waaruit het water via de Boeverievest de stad in komt. De andere hoofden liggen aan de Koepoort (bij het Begijnhof) en het Minnewater (bevoorraadt één fontein in het Begijnhof). Bij het aanleggen van de tweede omwalling breidt men het bestaande netwerk uit met hoofden aan het einde van de Ganzestraat, de Bloedput en de Carmersstraat. De archeologische dienst Raakvlak heeft tijdens opgravingen meermaals delen van het waterleidingsnetwerk blootgelegd.

Waterman

Het hoofd ligt onder de waterspiegel. Een zeef houdt er het grootste vuil tegen. Door de moerbuizen licht afhellend aan te leggen kan men overal het water van aan de stadsrand afvoeren naar de fonteinen in de binnenstad. Voor de moerbuis die water aanvoert uit de stadsvijver te Sint-Baafs, is er echter een probleem te wijten aan het bodemreliëf. Als men ze gewoon afhellend zou aanleggen van de vesten naar de Markt, moet men verderop doorheen een zandrug graven ter hoogte van ’t Zand en de Zuidzandstraat. Op die plaats zou de sleuf meerdere meters diep moeten zijn, met gevaar dat ze kan instorten en woningen kan doen verzakken of instorten.

Maar men vindt een oplossing in de constructie van het ‘engien’. Dat brengt het water via een noria (scheprad) naar een hoger gelegen reservoir, van waar het uitgestort wordt in de moerbuis en zo onder grotere druk aan zijn reis langs de waterputten begint.

Het engien staat zeker vanaf 1386 en waarschijnlijk ook al voordien in open lucht aan de binnenste vestinggracht tussen de Boeveriepoort en de Smedenpoort. Later brengt men het onder in het waterhuis aan de huidige Hendrik Consciencelaan, dat voor dat doel gebouwd wordt tussen 1394 en 1398. De man verantwoordelijk voor de watertoevoer moet ervoor zorgen dat het engien te allen tijde in werking kan gesteld worden, zeker ook bij brand. Hij moet altijd een tweede reserve-engien paraat hebben zodat de stad niet zonder water valt. Voor het aandrijven van het engien zet men paarden in via een rosmolen. De paarden zijn het persoonlijke eigendom van de bewaarder van het waterhuis.

Het engien maakt het waterleidingsnetwerk speciaal. Ook Damme, Ieper en Rijsel beschikken in de middeleeuwen over loden buizen voor het water. Maar enkel Brugge heeft een engien. Het waterhuis staat dan ook afgebeeld als één van de zeven wonderen van Brugge op het schilderij van Pieter Claeissens.

7-wonderen_waterhuis

Het waterhuis, detail uit: Pieter Claeissens, De 7 wonderen van Brugge, ca. 1550-1560, privécollectie (c) Hugo Maertens

anderer-theil_-1599-1600_fol-647-brugge-605_detail

Het reisverslag van Thomas Platter, met een tekening van het scheprad in de marge, 1599, Universiteitsbibliotheek Basel, handschrift A lambda V 7/8

Nicht weit vom Stadtwaal, ist dass wasser Hauss genannt, in welchem ein sonderbahres kunstlich instrument midt viel eymeren mir ist gewisen wordt, welches ein einig pferdt im ring herumb wie ein müle zeücht (…). Thomas Platter, 1599

Waterpret

Maar er is nog meer. Doordat er druk op het water gezet wordt, kan men ook in het waterhuis een fontein laten spuiten. Dit is te zien op de kaart van Marcus Gerards uit 1562. Lootins, de bewaarder van het waterhuis, beschrijft in 1610 hoe hij in 1607 een metalen mannetje, gezeten op een paard en met in de hand een lans, geplaatst heeft op een arduinen pilaar. In een manuscript van Charles Custis (1704-1752), getiteld ‘Mémoires pour servir à la description générale de la ville de Bruges’ (UGent hs. 461, f. 113) staat een binnenzicht van het waterhuis afgebeeld (zie de afbeelding helemaal bovenaan). Het toont onder meer dit mannetje, maar ook een grote menigte andere figuurtjes die verschillende beroepen voorstellen en een paar cupido’s.

De Zwitser Thomas Platter beschrijft in 1599 een lusttuintje met springende waterkunst naast het waterhuis. Zijn beschrijving roept een soort waterpretpark op met beeldjes, een grote fontein en in de grond verborgen gaatjes met pijpjes waaruit onverwachts water kan komen. Dit alles tot groot vermaak van wie het systeem bedient vanuit het waterhuis en bezoekers verrast met een nat pak.

fob1332

Illustratie uit het manuscript van Charles Custis, Universiteitsbibliotheek Gent, hs 461, foto collectie Stadsarchief Brugge

Es ist ein kleiner garten, darinnen ein brunnen midt viel von messin gegossenen kleinen mänlin und Leüwen besetzet, die an viel orten durchgebrochene Löchlin hadten, auss welchen allen sie wasser spritzeten. Auf der erden wahren auch mechtig viel verborgene rörlin, die man nicht sahe, welche alle zugleich wasser vom boden auf sehr starck spritzeten, dass sie das frauwenzimmer allenthalben netzeten.  Thomas Platter, 1599

Waals water

In 1860 ontwerpt Joachim Chalon een watermolen voor het waterhuis waarmee men zonder tussenkomst van paarden de stad veel beter kan bevoorraden. In plaats van de rosmolen en paardenkracht maakt hij gebruik van het verschil in waterpeil tussen de buitengracht en de binnengracht. Hij laat zijn nieuwe pompen dus werken op waterkracht via een waterrad. Het water wordt dan vanuit het nieuwe waterhuis op de Buitenboeverievest naar het oude waterhuis gebracht vanwaar het de moerbuizen ingaat.

Door onder andere het zakken van het waterpeil moet men in 1893 overschakelen op een stoompomp. Daardoor wordt na zes eeuwen een punt gezet achter het waterwielentijdperk. Maar men blijft oppervlaktewater gebruiken tot men overschakelt op water uit de bronnen van de Bocq, een riviertje in Namen dat ook de stad Brussel bevoorraadt. Verschillende gemeenten  werken samen en richten de TMVW (Tussengemeentelijke Maatschappij der Vlaanderen voor Waterbedeling, nu: Farys) op. Het Waalse water stroomt uit de Brugse kranen vanaf 1 mei 1925. Ook vandaag kan het water nog uit de Bocq afkomstig zijn, mogelijk gemengd met water van andere herkomst.

Denkt u vanavond bij het tandenpoetsen eens aan het mirakel van het Brugse water dat uit de kraan stroomt?

Meer weten?

E. Vandevyvere, Het waterhuis in Brugge: vernuft en vermaak, in Biekorf, jg. 2012, nr. 2, blz. 189-199.

E. Vandevyvere, De watervoorziening te Brugge van de 13de tot de 20ste eeuw, Brugge, 1983.

E. Vandevyvere, De moerbuizen herzien, in: Brugs Ommeland, jg. 2014, nr. 1, blz. 3-22.

Citaten uit: Malcolm Letts, Une description de Bruges en 1599, in: Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis, 1924, nr. 67, blz. 38-47.

In het Archeologiemuseum kan je een stuk van de moerbuizen komen bekijken (opgelet: het museum is tot eind dit jaar gesloten wegens werken).

Op de website MAGIS kom je meer te weten over het thema water(leiding) aan de hand van de kaart van Marcus Gerards. Surf naar de MAGIS-site, klik op ‘volg de verhalen’ en kies daar het thema ‘een emmertje water halen’.

Meer objecten en verhalen

1 gedacht over Waterpret – De moerbuizen

  1. Christel Maus schreef:

    Prachtig, onderhoudend en verrijkend!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *