De kerststal van de Sint-Annakerk

Maria, Jozef, Jezus, vier herders, drie schapen, één os en één ezel. Vanaf overmorgen bevolken ze weer de kerststal in de Sint-Annakerk. De levensgrote beelden zijn vermoedelijk van Brugse makelij en gaan al meer dan een eeuw mee.

De beelden zijn uit hout gemaakt. De  hoofden en handen zijn mooi gebeeldhouwd en beschilderd zodat ze als het ware tot leven komen. Haar, baarden en snorren versterken het realisme. Elke figuur heeft een kleurige outfit ter beschikking. Die bedekt de lichamen, die veel ruwer gekapt zijn.

De os en de ezel staan achter de figuren. De maker heeft dan ook enkel hun koppen uitgewerkt. Die worden op een stok geplaatst, zonder verdere aankleding. Het schaap en de lammetjes zijn met schapenvacht overtrokken. Zij staan immers op de voorgrond.

Het Jezuskind is als enige uit was gemaakt. Het heeft blonde lokken uit echt haar en draagt een wit mouwloos hemdje en een broekje afgezoomd met kloskant. Op het hoofdeinde van de kribbe staat een aureool uit mat glas, rondom versierd met geslepen glas.

Wie is het?

Maar wat de personen betreft: wie is wie en wie moet waar staan? Zonder kleren aan, zijn de figuren immers een heel pak ‘anoniemer’. Een praktisch ingestelde medemens heeft daarom ooit op de rug van alle beelden een etiket gekleefd. Op dat etiket staat telkens om welk personage het gaat en wat zijn/haar plaats is. Soms geeft het etiket ook enkele richtlijnen over de aankleding. Zo staat op de rug van een herder: ‘Herder met schaap / in den arm, / achter St Joseph / Epistelkant / houten drinkzak op / de centure schuiven / achterkant’ (noot: epistelkant is in het koor, vanuit de kerk gezien, de rechterkant). Op de reistas van een andere herder lezen we: ‘Voor herder achter / O.L.V. met lamme- / ken in de zak en / dezen vast maken / met de linten aan de / ringen van de centuur.’

etiket-op-rug-van-herder-small

Wie is het? (2)

Ondanks het goed bijgehouden kerkarchief ontbreekt elke verwijzing naar aankoop, auteur of jaartal van de kerststal. Het blijft gissen, maar er zijn enkele aanknopingspunten.

De inventaris van 1884 vermeldt geen kerststal maar in die van 1935 staat genoteerd: ‘stalleken van Bethlehem met grote beelden’. De kerststal moet dus tussen 1884 en 1935 gemaakt zijn. In het Liber Memorialis van de parochie Sint-Anna staat dat de kribbe hersteld is toen A. Iserbyt er pastoor was, van 1906 tot 1908. Men zegt: ‘Alle de andere ornementen (= liturgische gewaden), waarvan de wekelijksche en ook sommige ander in soberen staat begonnen te verkeeren, werden hersteld te zamen met de kribbe en de herders door de zorge der goede zusters Apostolinnen’. Als er in 1906-1908 een herstelling van de kledij nodig was, mogen we  aannemen dat de kerststal wellicht rond 1890 te dateren is.

Tijdens het onderzoek van de beelden viel het Benoit Kervyn, consulent religieus erfgoed, op dat het gezicht van de Mariafiguur erg lijkt op dat van de Moeder Gods uit de Piëta die in de Heilig Bloedbasiliek staat. De Edele Confrérie van het Heilig Bloed bestelde deze Piëta naar aanleiding van de jubileumprocessie van het Heilig Bloed in 1900 bij de Bruggeling Pieter De Wispelaere (1839-1925). Ook bij deze Maria zijn de niet zichtbare ledematen ruw gekapt. Hebben we hiermee de maker van de beelden ontdekt?

Het wassen Jezuskind is waarschijnlijk door vrome vrouwenhanden gemaakt. In de 19de  en in de eerste helft van de 20ste eeuw zijn er  vele zusters en begijnen die zich specialiseren in het maken van dergelijke devotionalia. Zo waren de Brugse karmelietessen uit de Schuttersstraat tot in 2000 bekend voor hun atelier van wassen kerstbeelden.

Kerststal in de Sint-Annakerk

De beelden kregen al enkele keren een opfrisbeurt. Met de jaren lieten stof, kaarsenroet, houtworm en kleine beschadigingen (zoals een afgebroken vinger) immers hun sporen na. In 2014 zorgde de firma Profiel cvba (Wevelgem) voor een reiniging, enkele kleine restauraties en een houtwormbehandeling. De baarden en pruiken werden behandeld, de kledij werd gereinigd en kreeg waar nodig enkele retouches.

Waar bleef de sterre stillestaan?

Over het algemeen krijgt de kerststal in een kerk een plaats in een zijkapel of in de nabijheid van het concelebratie-altaar. De kerststal van de Sint-Annakerk kreeg tot 2014 een uitzonderlijke plek: men plaatste hem in het hoofdaltaar. Dat vergde het nodige klauter- en hijswerk maar vooral: om de stal daar te kunnen plaatsen moest men telkens Garemijns schilderij ‘De opvoeding van Maria’ verplaatsen. Al bij al een risicovolle onderneming. Toen enkele jaren geleden het interieur van de kerk gerestaureerd werd, lagen er plannen op tafel om een mechanisme te bouwen waarmee het schilderij veilig verplaatst zou kunnen worden. Wegens ingewikkeld en duur, zag men hiervan af en koos men voor een eenvoudiger oplossing: de kerststal een plek geven naast het hoofdaltaar.

st-annakerk003_stal-in-hoofdaltaar

De kerststal van de Sint-Annakerk, opgesteld in het hoofdaltaar

Doorheen de jaren evolueerde ook het decor achter de kribbe. Van een geschilderd staldecor in de jaren 1940 naar een blauw geschilderd doek bezaaid met sterren tot rode gordijnen in 1964. Vandaag omringt men de kerststal met kerstbomen.

Waarschijnlijk is de koster op dit ogenblik volop bezig met de installatie van de beelden. Wil je de kerststal gaan bekijken? Dat kan van 25 december tot en met 6 januari in de Sint-Annakerk.

In het nabij gelegen Volkskundemuseum kan je nog meer kerststallen gaan bekijken uit de collectie van Henri Vansweevelt. Nog tot 6 januari staan er kerstallen vanuit alle windstreken opgesteld.

Meer objecten en verhalen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *