Het borstbeeld van Juan Luis Vives

In de schaduw van de Brugse Onze-Lieve-Vrouwekerk staat, een beetje weggestopt in de schaduw van het bladerdak van de bomen, het borstbeeld van Juan Luis Vives. Met een ietwat droevige blik, tuurt hij peinzend in de verte. Het beeld is een ode aan de invloedrijke christelijk-humanistische denker uit Valencia, die in Brugge zijn tweede thuis vond.

Het is best merkwaardig dat de naam Juan Luis Vives bij vele Bruggelingen of bezoekers niet meteen een belletje doet rinkelen. Vaak wordt deze 16de-eeuwse humanist in één adem vernoemd met andere beroemde humanisten uit zijn tijd: Erasmus en Thomas More. Vives’ naam is met vele instellingen in binnen- en buitenland verbonden en zijn werk is tot vandaag een bron van inspiratie.

Een Spaanse Bruggeling

Juan Luis Vives wordt in 1493 in Valencia geboren als zoon van bekeerde Joden. Dit bepaalt meteen het lot en de levenswandel van de jongeman. Zijn vader sterft in 1524 door de Spaanse Inquisitie op de brandstapel. Zijn moeder is dan al 16 jaar dood, maar toch laat de Inquisitie haar in 1528 opgraven om haar hetzelfde lot als haar echtgenoot te laten ondergaan. Geen wonder dat Vives na zijn studies in Parijs niet meer naar Spanje terugkeert…

Foto 5 (Small)

Portret van Juan Luis Vives, coll. Prado Madrid

In 1512 trekt Vives naar Brugge, de stad die hij later als zijn tweede thuishaven beschouwt. Tussendoor verblijft hij wel voor langere tijd in Leuven. Hij gaat ook verschillende keren naar Engeland waar hij kennismaakt met Thomas More. Omdat hij zich verzet tegen het huwelijk van Hendrik VIII met Anna Boleyn valt hij in ongenade en verlaat hij het land. Hij keert naar Brugge terug en sterft er in 1540.

Humanistisch Brugge

Volgens sommigen is Vives een ‘renaissancehumanist’. Een abstracte term die in de context van het 16de-eeuwse Brugge iets meer toelichting verdient.

Eerst en vooral humanisme. In se duidt deze term op de wetenschappelijke belangstelling voor de cultuur van de klassieke oudheid. Een tendens die ontstaat in het 14de-eeuwse Italië van Petrarca en die in de 15de eeuw de Nederlanden begint door te dringen. Toch is het pas een eeuw later dat het humanisme er ook een dominante positie verwerft.
De humanisten zoeken in de canon van de klassieke en vroegchristelijke auteurs antwoorden op fundamentele vragen. Door tekststudie ontwikkelen ze een nieuwe kijk op mens en samenleving. Wat Vives betreft: hij beoefent en bestudeert wetenschap en filosofie binnen die context niet omwille van de discipline zelf; zijn studie moet bijdragen tot een moreel beter leven.

Foto 4 (Small)

Kunstenaar Mateo Ramon legt de laatste hand aan het borstbeeld. Het wordt in brons gegoten door de Madrileense firma Gonsalez (bron: Brugse Courant, 7 september 1957)

Welke rol speelt Brugge in het humanisme? Hoewel over haar hoogtepunt heen, heeft de stad in het begin van de 16de eeuw nog veel aanzien. Het is een wereldstad in de geest. Daarom speelt Brugge ook in die periode vaak een rol als ontmoetingsplaats voor humanistische denkers: Erasmus, More en Vives ontmoeten elkaar er verschillende keren. Maar eigenlijk is de plaats hier van ondergeschikt belang. In zekere zin zijn de humanisten de eerste Europeanen. Via brieven wisselen ze ideeën uit en hun publicaties worden vaak over heel West-Europa verspreid.

Van de drie genoemde denkers, heeft Vives de nauwste banden met de stad. De aanwezigheid van de Spaanse naties is daar uiteraard niet vreemd aan. Hij trouwt zelfs met de dochter van een Valenciaans koopman. En het Brugs humanistisch milieu verwelkomt Vives met open armen.

Pionier?

Vives’ carrière verloopt voorspoedig. Zijn vroegste werk bezorgt hem al vlug bekendheid én contacten met More en Erasmus. In 1516 verblijft hij aan het hof van Karel V en verzorgt hij privélessen voor de 19-jarige bisschop van Kamerijk, kardinaal Willem van Croÿ. Tussen 1513 en 1523 doceert hij in Leuven. Tot 1528 wisselt hij Brugge af met Oxford, waar hij Grieks doceert. Na zijn verplicht vertrek daar, verblijft Vives vooral in Brugge, waar hij zijn belangrijkste werken schrijft.

Foto 3

De inhuldiging van het standbeeld (bron: Brugsch Handelsblad, 7 september 1957)

De originele denkbeelden die hij in ‘De anima et vita’ naar voren brengt, leveren hem de titel ‘vader van de moderne psychologie’ op. Ook zijn pedagogisch werk over de meisjesopvoeding, ‘De institutione feminae christianae’, is baanbrekend. Het meest invloedrijke werk tot vandaag is Vives’ traktaat over de armenzorg ‘De subventione pauperum’, gericht aan het Brugse stadsbestuur. In dat werk pleit hij ervoor om alle middelen voor het armenbeleid te centraliseren bij de lokale overheid. Daarmee gaat hij in tegen de heersende opvattingen, waarbij armenzorg vooral een particulier en kerkelijk initiatief is. Vives ontwikkelt zijn visie op het moment dat de stedelijke welvaart op eind van de 15de eeuw sterk toeneemt. Op een systematische wijze ontleedt hij daarbij het groter wordende probleem van de bedelarij. Hij pleit voor het bevorderen en democratiseren van het onderwijs en omschrijft groepen burgers die recht op steun verdienen.

Kind van zijn tijd?

In veel opzichten zou je dus kunnen stellen dat Vives de grondlegger is van het hedendaagse sociaal werk. Maar klopt dat beeld wel?

Uit Vives’ beschrijving van de armen spreekt bijzonder weinig mededogen of sympathie. De reden waarom armen moeten geholpen worden, ligt niet in hun menselijke waardigheden, maar wel in het belang voor de samenleving. Het is met hulp van de (lokale) overheid dat hen het pad naar een deugdzaam leven wordt gewezen. In die zin is Vives’ visie een voorloper van een rationele aanpak van de armenzorg binnen het sociaal werk vandaag. Bovendien is zijn visie ook ‘modern’ in de zin dat een economische kijk op mens en samenleving richtinggevend zijn.

Foto 2

De inhuldiging van het borstbeeld is een heus evenement. De brugemeester, de bisschop, de Spaanse ambassadeur en een delegatie van onderwijzers en onderwijzeressen in Valenciaanse klederdracht zijn aanweizg (bron: Brugsch Handelsblad, 7 september 1957)

Toch is er ook plaats voor authentieke bekommernis om het lot van de arme in Vives’ denkwijze. Een arme is niet puur te herleiden tot zijn economische opbrengst. Vives schrijft: “Wij willen dat ze als mensen worden beschouwd en medelijden waard zijn.” Armen moet je helpen omdat ze mens zijn, of omdat ze kind van God zijn en dus ook onze broeders en zusters. Ook daarin kan de sociaal werker vandaag zichzelf herkennen.

De waarde van Vives’ analyse en denkwijze ligt dus zowel in het heden als in het verleden. Enerzijds behoort hij tot de groep van vooruitstrevende Europese intellectuelen van de 15de en 16de eeuw die het christendom en kerkelijk gezag vanuit hun humanistische denkwijze doorlichten. Vives stelt dat als de kerkelijke armenzorg niet meer voldoet, de overheid die rol moet overnemen. Dat de armen niet moeten berusten in hun lot, maar dat ze juist moeten geholpen worden om hun situatie te verbeteren. In die zin zou je kunnen zeggen dat hij de basis legt voor onze moderne, door de overheid gesubsidieerde en georganiseerde armenzorg.

Vives borstbeeld_DMS_SAB

Foto: Beeldbank Brugge / Erfgoed Brugge

Dit is ook de reden waarom Vives tot vandaag geapprecieerd wordt, niet in het minst in pedagogische middens. VIVES, de hogeschool in West-Vlaanderen, verwijst rechtstreeks naar zijn invloed en zijn verdienste in de identiteit van zijn organisatie.

In 1957 komen niet minder dan 268 Spaanse onderwijzers en leraars naar Brugge, om samen met een Brugse delegatie het borstbeeld van Vives achter de kerk in te wijden. De rede van de rector van het Europacollege vat de waardering voor Vives vandaag misschien nog het beste samen: “… zijn ideeën blijven tot op heden actueel, omdat zij zich in eerste plaats tot de mensheid zelf richten.” Amen.

Meer lezen?

Maximiliaan Martens, Brugge en het Europees humanisme, in: Brugge en Europa, Antwerpen, 1992, p. 252-265.

Juliaan van Belle, Juan Luis Vives. Over maatschappelijk welzijn, armoede, opvoeding en Europese gedachte in de 16de eeuw, Heemkundige Kring van Ruddervoorde, 1994.

Juan Luis Vives en Raf Debaene, Over de hulp aan de armen, Zoetermeer, 2015.

André Vanhoutryve, Juan Luis Vives, in: Brugse stand- en borstbeelden : historische analyse en retrospectieve, Brugge, 1989, p. 238-243.

Meer objecten en verhalen

1 gedacht over Het borstbeeld van Juan Luis Vives

  1. […] verzet tegen de plannen van het Brugse stadsbestuur om de armenzorg te hervormen. Voortbouwend Juan Luis Vives’ De subventione pauperum wil het bestuur, met als voortrekker Gillis Wyts, de armenzorg […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *