De grafplaat van Gunild

De collectie van de Brugse Sint-Salvatorskathedraal bezit een mysterieus object. Een kleine loden grafplaat waarop een Latijnse tekst het verhaal doet van de Engelse edelvrouw Gunild. Op het eerste zicht een boeiend tijdsdocument van een in Brugge overleden verwante van het Engels koningshuis in de 11de eeuw. Of is het toch niet zo simpel en blijken er meer Gunilds in het spel betrokken? In 2003 zocht J. Huyghebaert het voor u uit…

 

Drie Gunildes

Als we vandaag de tekst op het grafplaatje lezen, lijkt de inhoud ervan niet dubbelzinnig. Gunild, een Engelse, geboren uit zeer edele ouders, verlaat Engeland en gaat als ballinge naar Sint-Omaars in Vlaanderen. Ze komt terecht in Brugge en sterft er ook in 1087.

Grafplaat Gunildis

De loden grafplaat van Gunild met de Latijnse tekst, gegrift in karolingische minuskel

Wie is die Gunild waarvan sprake in de tekst, neergeschreven op een loden grafplaatje van 25 op 20 cm, onder haar hoofd mee in de kist begraven?

Het verhaal brengt ons naar het Engeland van de 11de eeuw. De Deense prins Knut is er in de jaren 1016-1018 op autoritaire wijze koning. Daarnaast heerst hij ook over grote delen van Noorwegen en Zweden. Knut heeft Engeland als uitvalbasis, in zijn oude thuisland regeren verwanten in zijn naam. Het is daar dat we de eerste Gunild tegenkomen. Ze is een nicht van Knut.

Knut bekroont zijn verovering van Engeland met zijn huwelijk met Emma, de weduwe van de recent overleden Engelse koning. Samen krijgen zij een dochter: Gunild. Daarmee verschijnt de tweede Gunild op het toneel. In 1038 sterft zij echter in Italië aan de pest, op het moment dat haar moeder Emma, na de dood van Knut, in ballingschap verblijft in Sint-Omaars en/of Brugge.

Add. 33241, f.62v

Het ‘Enconium Emmae Reginae’ of ‘Lofdicht op koningin Emma’ uit de 11de eeuw wordt bewaard in de British Library. Emma trouwt met Knut en zij krijgen een dochter, Gunild. Foto: British Library, Londen

De derde Gunild van dit verhaal is de dochter van Godwin en Gytha. Godwin is tijdens het bewind van Knut graaf van Wessex en een belangrijk raadgever van de koning. Het is Godwins zoon, Harold II die koning van Engeland zal worden en zal sneuvelen in de slag bij Hastings in de strijd tegen Willem van Normandië in 1066. Omdat ook Godwin na de dood van Knut in ongenade valt bij de nieuwe Engelse koning, verblijft Gunild samen met haar broers in 1051-1052 als ballinge in Brugge.

Drie Gunildes dus. In een web van koningen, graven en veldslagen.

Drie graven

Na de slag bij Hastings en de dood van haar broer Harold II moet Gunild, dochter van Godwin, opnieuw vluchten. Met een schip, zwaarbeladen met kostbaarheden landt ze in Sint-Omaars en verhuist tenslotte naar Brugge. Een plaats die ze al kent van haar vorige ballingschap. In 1087 sterft ze er, op 24 augustus.

Tapisserie de Bayeux - Scène 55 : le duc Guillaume se fait reconnaître.

Scène uit de Slag bij Hastings (1066) op het wandtapijt van Bayeux. Als gevolg van deze strijd, zoekt Gunild, dochter van Godwin, andere oorden op en komt in Brugge terecht.

Op het loden grafplaatje dat in haar kist onder haar hoofd is  gelegd, staat te lezen: ‘Gunild was een Engelse, geboren uit zeer edele ouders. Haar vader was graaf Godwin, militair opperbevelhebber in een groot deel van Engeland. Haar moeder sproot voort uit een vooraanstaand Deens geslacht. (…) Toen zij al de huwbare leeftijd had bereikt werd Engeland overwonnen door Willem, en haar broer Harold, koning der Engelsen, door dezelfde gedood. Zij verliet haar vaderland en verbleef in Sint-Omaars in Vlaanderen. (…) Van daar kwam zij naar Brugge. Na hier een aantal jaren doorgebracht te hebben trok zij naar Denemarken. Na haar terugkeer ging zij als maagd naar de Heer in het jaar 1087 (…).’ Een duidelijke identificatie dus: het gaat hier om de derde Gunild, dochter van Godwin. Of toch niet?

5.

Het grafmonument van Gunild rond 1700. Foto: M. English, Dagklapper, II, 93

Alles heeft te maken met het opschrift op het grafmonument van Gunild, in de zuidoosthoek van de Sint-Donaaskerk in Brugge.
Ten eerste verraadt de bouwgeschiedenis van de kerk wellicht dat haar grafmonument ongeveer een eeuw na haar dood is opgericht.  Voor een eerste keer wordt Gunild opnieuw begraven. De Angelsaksische prinses krijgt in Sint-Donaas een monument met een beeld van Maria en het lichaam van Christus op haar schoot. Het beeld staat in een nis op de deksteen die het eigenlijke graf afsluit. Daarop staat echter het volgende te lezen: ‘Voor Gunild, dochter van Knut de koning van Engeland, Denemarken, Noorwegen en Zweden, (…). Na een zeer zware belediging vanwege haar man heeft zij in deze vesting (de Burg van Brugge) een religieus leven geleid, en zij is er op 21 augustus 1043 overleden. Voor haar heeft deze kerk, waarvoor ze zeer vrijgevig was, dit grafmonument opgetrokken.’ Een groot deel van haar vermogen, dat ze bij haar vlucht uit Engeland heeft meegenomen, komt immers in Sint-Donaas terecht. De tekst verwijst echter naar die andere Gunild, de dochter van Knut. Erger nog, het vreemde jaartal 1043 heeft alles te maken met die andere Gunild, de nicht van Knut. Zij is mogelijk rond die periode door Godwin verbannen uit Engeland, wanneer ze probeert de Deense invloed aan het hof te vergroten, ten nadele van Edward de Belijder, die door Godwin in 1042 de Engelse kroon verovert.

4. (Small)

De Sint-Donaaskerk op de kaart van Marcus Gerards (1562). Het grafmonument van Gunild bevindt zich aan de zuidoostkant van het koor. Gerards tekent de noordoostkant.

Op die manier koppelen de kronieken een Gunild aan het jaar 1043. Zo zorgen een mix van interpretaties van diverse middeleeuwse onduidelijke bronnen, die vooral over de andere Gunilds verhalen, dat de dochter van Godwin voor een paar eeuwen uit de geschiedenis wordt gewist.

Erger nog, wanneer in de 16de eeuw de beeldenstorm de stad passeert, sneuvelt ook het graf bij Sint-Donaas in de storm van geweld. Tientallen jaren later komt er een nieuwe grafsteen in de plaats van het totaal vernielde monument. Met dezelfde tekst als op de vorige graven. Het zou dus weleens kunnen dat op Gunilds graf nooit iets anders te lezen is geweest dan het wel en wee van twee totaal andere naamgenoten.

Eén grafplaatje

Tot 31 maart 1786. Werkzaamheden aan de kerk, die in de 16de eeuw intussen een kathedraal is geworden, halen de ware Gunild uit de vergetelheid. Bij haar grafmonument treft men de resten van haar beenderen aan. En het befaamde loden plaatje onder haar hoofd. De arme Gunild, haar resten en ‘identiteitskaart’, krijgen een nieuwe kist met bisschoppelijk zegel.

6. (Small)

Afbeelding van Knut van Denemarken. Hij heeft zowel een dochter als een nicht die Gunild heten en aan de basis liggen van de verkeerde toeschrijvingen op het grafmonument van Gunild, de dochter van Godwin.

Maar nog is de lijdensweg van Gunild niet voorbij. Tijdens de Franse overheersing vinden militairen in 1804 de nieuwe lijkkist van de prinses in de grotendeels gesloopte kathedraal. Alles wordt vernietigd. Behalve de loden grafplaat. Die levert immers nog wat centen op voor de vinders.

Stilaan komt een eind aan de calvarietocht. Via enkele tussenpersonen komt de laatste resterende herinnering tenslotte in de Sint-Salvatorskathedraal terecht. Kort daarna begint ook de zoektocht naar de ware identiteit van Gunild, dochter van Godwin, graaf van Wessex en vertrouweling van de, in een ver en mysterieus verleden, machtige koning Knut.

Meer weten?

Lees het artikel van J. Huyghebaert, ‘De Angelsaksische prinses Gunild te Brugge’, in: Biekorf, jaargang 103 (2003), p. 270-284.

Meer objecten en verhalen

2 gedachten over De grafplaat van Gunild

  1. wilfried kimpe schreef:

    Mooi verhaal, dank. Is het stuk opnieuw te bekijken in het Kathedraalmuseum ?

    1. Musea Brugge schreef:

      Beste Wilfried, we staken ons licht op bij de verantwoordelijken van het Museum van de Kathedraal. Als alles goed gaat met de werken zou de Schatkamer, waar de plaat is tentoongesteld, opnieuw geopend zijn tegen Pasen. Nog even geduld dus!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *