Gildezilver

Van een groot zilveren schild tot een klein zilveren klokje. En veel daartussen. Ambachten en gilden weten hoe ze naar buiten moeten komen. Het Gruuthusemuseum telt heel wat, vooral 18de-eeuws, ambachts- of gildezilver in de collectie. En pakt daar op zijn beurt graag mee uit.

Ambacht? Gilde? Broederschap?

‘Ambacht’ en ‘gilde’: de woorden worden wel eens door elkaar gebruikt. Heel duidelijk is het onderscheid ook niet altijd.

Het ambacht is het effectieve beroep of het vakmanschap dat wordt aangeleerd om het beroep als dusdanig te kunnen uitoefenen. Het ambacht legt regels en verplichtingen op aan de leden. Het regelt de opleiding, gaat over de meesterproeven en bewaakt de kwaliteit van het werk. Tijdens het Ancien Régime zijn er geen vakscholen, geen academies – de beroepscategorie regelt alles.

Een gilde is eerder vergelijkbaar met een belangenvereniging: zij verdedigt de geestelijke en wereldlijke belangen van haar leden. Die leden oefenen eenzelfde beroepsactiviteit uit. Het onderscheid tussen gilde en ambacht is dan ook niet altijd duidelijk. Waar stopt het ene en begint het andere? Het ambacht stimuleert het geestelijke leven van haar leden en geeft dit structuur via de gilde.

Broederschappen hebben dan weer louter religieuze of kerkelijke doelen. Leden van een gilde of ambacht kunnen er lid van worden.

Ambachten, gilden en broederschappen vormen een sociale structuur en een maatschappelijk netwerk binnen een stad. Niet alleen voor de leden onderling, maar ook tussen elkaar. Zo kunnen ambachten elkaar ook opdrachten geven.

Op dit schilderij van het kleermakersambacht staat een klein klokje, dat in de Gruuthusecollectie zit. Coll. Groeningemuseum (0000.GRO1456.I), foto: Hugo Maertens

Voor het verhaal van het ambachts- of gildezilver is vooral de religieuze component belangrijk. De talrijke schilden in de Gruuthusecollectie worden door de gilden gebruikt tijdens processies, bij hun rituelen in de ambachtszalen, maar vooral ook als statussymbool om de rijkdom van de gilde te etaleren. Het meeste gildezilver uit de Gruuthusecollectie dateert uit de 18de eeuw. Oudere stukken zijn vaak omgesmolten om nieuwe te maken.

Antoon Kerckhof, Tafelbel van het kleermakersambacht, 1650. Op het klokje staan naast de schaar, het symbool van het ambacht, ook de namen van de leiders van het ambacht. Coll. Gruuthusemuseum (X.O.0006), foto: Dominique Provost

Ik zweer op het kruis

Het oudste stuk gildezilver in de Gruuthusecollectie is het eedkruis van de Brugse cultensteckers. ‘Kulten’ is een woord uit de Westhoek en betekent ‘kleren’, maar de cultensteckers hebben wel degelijk hun eigen niche: zij verfraaien kledingstukken en beddengoed met zilver- en gouddraad. Ze zijn dus een soort borduurders die zeer verfijnd werk afleveren. Het gaat hier om een gilde die luxewaar maakt.

Het eedkruis van de cultensteckers, 1562, coll. Gruuthusemuseum (X.O.0060), foto: Dominique Provost

Hun eedkruisje uit 1562, gemaakt door een anonieme zilversmid, is een klein pronkstuk uit zilver met koperen inlegwerk en een kern van bergkristal. Het wordt gebruikt bij het afleggen van de eed binnen het ambacht. Op God en op het kruis wordt gezworen om de regels van het vak na te leven. Op de ene zijde staat in het medaillon bovenaan de patroonheilige van het ambacht gegraveerd: Sint-Nicolaas. Links en rechts staat het jaartal, ANNO 1562, en onderaan een wapenschild, vermoedelijk het Brugse wapen. Op de andere zijde staat bovenaan een duif met een banderol, links en rechts twee fabeldieren en onderaan een engel met een banderol.

Het eedkruis van de cultensteckers, 1562, coll. Gruuthusemuseum (X.O.0060), foto: Dominique Provost

Schilders in het gareel

Een heel mooi voorbeeld van een groot gildeschild is het schild dat edelsmid Andries Petyt in 1758 maakt voor de Sint-Lucasgilde. Het is een schild dat de hoofdman op de borst draagt in processies. Centraal op dit schild uit zilver en verguld koper staat in een medaillon uiteraard de heilige Lucas afgebeeld. Volgens de overlevering heeft hij Maria en het kindje Jezus bij leven geportretteerd. Naast de heilige staat zijn symbool, de stier. Op de medaillons rondom lezen we de namen van de ambachten die samen de Sint-Lucasgilde vormen: schilders (links), glaesemaechers (glazeniers; links onder), sale maechers (zadelmakers; rechts), gerele maechers (gareelmakers; rechts onder).

Andries Petyt, Groot schild van de Sint-Lucasgilde, coll. Gruuthusemuseum (X.O.0090), foto: Dominique Provost

De samenstelling van een gilde kan dus ingewikkeld zijn (en ook veranderen doorheen de tijd). Tussen glazeniers en schilders valt misschien nog een logisch verband te leggen, en hetzelfde voor de zadel- en gareelmakers, maar wat hebben schilders met gareel- of zadelmakers? In bijvoorbeeld Gent maken nog andere ambachten deel uit van de Sint-Lucasgilde. Vaak is schilderen (of tekenen) wel de aanzet om een ambacht bij de Sint-Lucasgilde onder te brengen. De glazeniers beschilderen immers tot de 16de eeuw ook glas en luxueuze garelen en zadels van paarden worden vaak kunstig versierd met ingewikkelde patroontekeningen.

Toemaatje

Zoals gezegd bevat de deelcollectie gildezilver heel wat meer dan dit kruisje en schild. Een toemaatje in beeld.

Alle foto’s van het gildezilver: Dominique Provost

Meer objecten en verhalen

1 gedacht over Gildezilver

  1. Mia Lingier schreef:

    Zeer interessante informatie !
    Proficiat !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *