Panden voor een geborduurd herenvest

Een 18de-eeuwse heer die modieus voor de dag wil komen, draagt een jas, een vest en een kniebroek. Als jas en vest dan nog eens rijkelijk versierd zijn met borduurwerk, is het (mode)plaatje helemaal af. De Gruuthusecollectie bevat enkele afgewerkte herenvesten maar ook een vest in wording.

Een stuk zijde, op een weloverwogen manier bezaaid met geborduurde bloemen en blaadjes. Om een of andere reden is deze lap zijde niet van de borduurder richting kleermaker gegaan. Want voor hem was dit werkstuk bedoeld: het gaat om onderdelen van een herenvest die door de kleermaker verknipt moet worden en aan elkaar genaaid tot een goed passend geheel.

Panden voor een geborduurd herenvest, 1775-1785, coll. Gruuthusemuseum (XVI.O.0117), foto: Dominique Provost

Naaipakket

Een borduurder heeft hier een aantal onderdelen van een herenvest voorbereid. De grootste onderdelen zijn uiteraard de beide voorpanden. De vorm ervan plaatst het vest in de tweede helft van de 18de eeuw, circa 1775-1785: vesten worden dan stilaan korter en worden onderaan recht afgesneden.

De smalle rechthoekige strookjes zijn de zakkleppen, één voor elk pand. De hoekvormige borduursels zijn waarschijnlijk voor de kraag bedoeld.

Tussen de zakkleppen zijn een twaalftal cirkeltjes geborduurd. Daarmee kan men knopen bekleden. Het borduurwerk voor de knopen herhaalt een motief dat ook in de centrale delen van de voorpanden terug te vinden is. Het zit hem in de details!

Detail van de onderzijde van één van de voorpanden. De foto boven dit bericht toont de achterzijde van een voorpand, foto: Dominique Provost

Zuinig gebruik

Deze werkwijze om de onderdelen uit te zetten en uit te werken noemt men borduren à disposition. De borduurder tracht de onderdelen zó uit te tekenen, dat er zo weinig mogelijk stof verloren gaat. Het STAM in Gent bewaart een lap zijdesatijn waarop de onderdelen anders uitgetekend zijn: voor-en achterpand liggen omgekeerd ten opzichte van elkaar en de zakkleppen zijn niet naast maar schuin tegenover elkaar geborduurd.

Panden voor een herenvest, geborduurd zijdesatijn, 4de kwart 18de eeuw, coll. STAM Gent (11349)

In een volgende fase moet de kleermaker de onderdelen uitknippen en aan elkaar naaien op maat van de klant. Bij vesten kan de kleermaker door de snit van de achterpand de pasvorm mooi passend krijgen. Een achterpand valt op deze lap zijde echter niet te bespeuren. Dat is niet abnormaal. Een achterpand maakt men meestal uit een andere, goedkopere stof zoals linnen of katoen. Omdat de heren een jas over hun vest dragen, is het achterpand immers zelden zichtbaar. En met deze besparing kan er misschien nog een kanten jabot vanaf…

Detail van de knoopjes, foto: Dominique Provost

Meer objecten en verhalen

2 gedachten over Panden voor een geborduurd herenvest

  1. Roland Decock schreef:

    Boeiend en leerrijk.

  2. Standaert Ronny schreef:

    Prachtig! Zelf wist ik niet dat er mannelijke borduurders hebben bestaan.
    Die zullen wel niet gewerkt hebben met een chronometer naast zich…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *